Vierde Adventsweek (1)

God zet zijn laatste zet – Lucas 2:1-21.
Of is het de start voor een nieuwe tijd? Men verwachtte eeuwenlang de Messias; men keek verlangend uit naar de Beloofde Zoon van God. Hij zou een eind maken aan de bezetting door de vijanden. Eindelijk zouden ze weer een zelfstandige natie zijn. De profeten hadden profetieën over het heilsplan van God uitgesproken, maar nu Hij eindelijk komt…, is er geen plaats voor Hem. Geen paleis voor dit Koningskind. Geen mooie babykamer. Geen babyshower. Uiteindelijk vinden Jozef en Maria een eenvoudig maar schoon onderkomen, dat al aangeeft dat God de gewone man op het oog heeft.

Geen paleis, maar wel blijde en dankbare ouders.

Maar hoe moet de wereld weten wat hier is gebeurd? Dit mag toch niet onopgemerkt blijven? Dit kàn toch niet onopgemerkt blijven?

De laatste voorbereidingen worden getroffen. God stuurt zelf de geboortekaartjes van Zijn Zoon rond. Geen trompetgeschal voor dit Koningskind! Nee, het is veel mooier! Een engel verschijnt en opnieuw klinkt het ‘Vreest niet…’. En dan komt de boodschap waar ook deze herders naar uit hebben gekeken. ‘Heden… is geboren…’. Dat ene woordje ‘heden’ toont inderdaad dat er een nieuwe fase in het heilsplan van God is aangebroken.

Als de herders van de schrik zijn bijgekomen, blijft er maar één gedachte in hun hoofd rondspelen. Ze moèten Hem verwelkomen; ze moèten Hem zien en wel zo snel mogelijk!

Deze Heiland, deze Christus is in de stad van David geboren. Dat heeft de engel gezegd en door de stad Bethlehem zo te noemen, is de link naar ‘de telg uit lijn van David’ heel duidelijk!

Dit bericht is geplaatst in Advent. Bookmark de permalink.